Visreis Noorwegen, visvakantie IJsland, visreizen & overtochten

Nappstraumen 2026 Johan

Peter-Anthonie-Johan : Nappstraumen 2026

Nappstraumen, het blijft een wonderlijke plaats in de Lofoten, waar we in 2015 voor de eerste keer van het vissen in Noorwegen mochten proeven met het Cordes Pennfestival, weliswaar in een iets andere bezetting. 

Onsdag 29/7
De heenreis liep te vlot. Na onze perikelen vorig jaar in Zaventem (waarbij met de broek op de enkels diende gesprint te worden om de heenvlucht te halen) was besloten om dit jaar belachelijk vroeg op de luchthaven te zijn.  Extra bagage meenemen (plus die grote hengelkoker) is iets dat op het mini-vliegveld van Leknes op twee minuten klaar is, zo niet op Zaventem waar ze je stappenteller graag overuren laten kloppen.  Controle verliep enorm vlot maar de vlucht naar Oslo had vertraging, waardoor we onze aansluiten naar Bodø misten en bijgevolg ook de vlucht naar Leknes om 14:55.  Lang verhaal kort: we kwamen uiteindelijk aan na 23:00 i.p.v. om 15:30 – de winkel was tegen dan gesloten uiteraard.  Gelukkig had een niet nader genoemd Kretenzisch reisagentschap (“Κόρδες Τράβελ” of zoiets) via de visgids voor de meest cruciale boodschappen (lees: bier) gezorgd, waarvoor onze dank!  Bagage kwam gelukkig snel en volledig van de band gerold zodat we nog op een relatief menselijk uur in vers gepoetst en kraaknet huisje 7 aankwamen.  Even snel nog de Cordesians op de hoogte gebracht dat we goed waren aangekomen.

Na de nodige administratie kregen we onze drijfpakken, en uitleg bij de boot – nieuwer model 23.5-voets Aronet met bovenop het afdak plek om hengels weg te zetten.  Bijzonder handig want dan staat er geen niks in de weg, mocht je wat zwaars te drillen hebben.  En nee, die floepen er niet uit wanneer je aan het varen bent. Hapje eten, hengels optuigen op het terras en daarna lekker uit te slapen want donderdagochtend zou er toch niet gevist worden wegens te veel wind.  Tijd zat dus nog om naar de winkel te gaan en genoeg in te slaan voor de eerste dagen.  Altijd handig om vooraf een boodschappenlijstje klaar te hebben!

Torsdag 30/7
Na de boodschappen en een praatje met concullega-visgids Calle bleek de wind rond 11:00 voldoende afgenomen zodat we snel de trossen los konden gooien en tot op de tanden gewapend met allerhande metaal en rubber de vissen konden gaan kietelen.   In de bekende Glory Hole (de doorsteek naar de noordkant) werd gelijk een emmertje aasvis bij mekaar gevangen.  We bleven een tijdje in die toch wel indrukwekkende watermassa vissen en vangen, wat (kleinere) gulletjes en koolvis opleverde.  Vervolgens zetten Kapitony voorzichtig koers naar buiten.  Er stond wel wat deining maar qua golven viel het erg goed mee.  Tijd om wat nieuwe stekken aan te doen.  Kolossale onderzeeërs werden er niet gehaakt maar toch kregen we alle drie wel een visje van dichtbij te zien.  Ook de eerste lom werd gevangen en trots mocht Anthonie de kroon van de lommenkoning op zijn witte haardos planten.

Rond een uur of drie was het vet van de soep en trok de wind weer aan en voeren we weer terug richting kamp.  Eerst nog even halt houden in de zogenaamde schollenbaai waar de wind minder te verzuchten had en het zonnetje ook nog eens scheen.  Er kwam zowaar ook nog vis naar boven, een dikke schar nota bene.

Het hoogtepunt van de dag kwam bij het weggooien van de overgebleven aasvisjes: een volwassen zeearend merkte het geschreeuw van de meeuwen op en vloog recht op ons af.  Het landingsgestel ging open, hij plukte op zijn dooie gemakje een flinke vis uit het water, mompelde nog even iets van “tusen takk” in onze richting en vloog vervolgens rustig weer naar vrouw en kinders.  Het dieptepunt was dat ik mijn (speciaal daarvoor meegezeulde) camera in het huisje had laten liggen omwille van het voorspelde slechte weer.  Fy fan! Gelukkig bood de heerlijke pastasaus van Peters tante Patricia voldoende troost en werd ik ’s nachts maar drie keer gillend wakker, badend in het zweet.

Fredag 31/7
Vroeg uit de veren want dat spek en eieren eet zichzelf niet op om 4:00.  Daarnaast waren we verzocht om rond 14:00 toch weer terug binnen te zijn omwille van het weer.  Kammetje door de wilde haren of toch maar petje op?  Petje op. Om half zes waren we alweer een bak aasvis rijker en hadden we de eerste kabeljauw alweer in de boot.  Het was fris en er stond nog aardig wat deining maar niks dat doorwinterde Vikings als wij niet de baas kunnen.  We speelden tikkertje met flinke kabeljauwen waaronder een paar heel mooie rood/gouden kelpgullen en een zeer groot aantal koolvissen zowel op speedpilkers als op shads.  Een paar gullen mochten weer mee naar het kamp om tot kibbeling te worden omgetoverd maar 99% van de vangst zwemt intussen weer.  Lekker zweten was het, tot het zonnetje rond 11:00 plaats maakte voor een verse portie regen en dito wind.

We zochten de luwte wat op en gingen met dood aas driftig driftend op zoek naar de Koningin van de Zee.  De heilbot had helaas geen trek en ik viel zowaar ook nog eens in slaap achteraan onze toch wel erg comfortabele boot, in de plenzende regen en gierende wind.  Het moet zijn dan ome Toon wel heel erg rustig weer koers naar base camp heeft aangehouden want ik ben pas aan de ingang van de Glory Hole weer wakker geworden. Nat tot op de bilnaad en doorkoud waren we.  Gelukkig is het huisje voorzien van een groot warmwatervat en drie douches later zaten we weer fris gewassen met een blauwe ijsbeer in de hand te genieten van de verwarming en de epische avonturen van Kristina Guberman op Samsung Wild Life TV.  Afronden deden we die avond met Belgisch stoofvlees met Belgisch bier en Irish coffee (met Schotse whiskey).

Lørdag 1/8
We zetten de zaterdag verder zoals we de vrijdag geëindigd waren, maar dan zonder stoverij en ook geen Ier noch Schot meer in de koffie, hooguit suiker. Het waaide zo hard dat de meeuwen moeite hadden met landen.  Witte schuimkoppen tot aan de steiger, dan weet je: chillen op de bank of fotootjes maken van losvliegend pluimvee.  Soms hoorden we een Hasseltse holenbeer (in Crazy Daisy t-shirt) winterslaap houden.
Ook liepen we Johan Mikkelsen, die me ooit in Havøysund mijn eerste heilbot van formaat heeft helpen vangen, nog tegen het lijf – altijd fijn om even bij te praten.

En dan plots, na een verse portie chili con carne ging om een uur of zes de wind weer wat liggen.  In Noorwegen kan dat op een half uurtje tijd al blijft het afwachten wat dat “buiten” gaat opleveren.  Dat viel heel goed mee: gelijk dikke kleppers van kabeljauwen aan de haak!  Alles catch & release, zo ook die prachtige lom waarmee ik me opnieuw tot koning kon kronen.  Hoezee!

We zagen de zon zakken in de zee – misschien moesten ze daar eens een meezinger voor componeren.  Wel fijn dat je tot een flink eind in augustus nagenoeg 24 uur per dag licht hebt.  Zo heb je meer kans om toch het water op te geraken en flink wat te vangen.

Søndag 2/8
We vertrokken met een paar druppels regen maar die ging snel over in een zonnetje en het werd zowaar ook nog warm.  Misschien doordat we zo hard moesten werken met al die vis die naar boven kwam.  Makrelen van een halve meter in de Glory Hole, verderop flinke koolvissen en lelijke lommen. Ik behield de kroon, zelfs na een ongetwijfeld corrupte VAR-check.  De eerste polakken keken ons met hun mooie grote ogen aan, en Anthonie kreeg ook een mooie leng aan de lijn.  Over de aantallen kabeljauw heb ik het dan nog niet gehad want hun school was duidelijk niet out for summer. Moegestreden zetten we koers naar cabin number seven voor een flinke portie kibbeling, die Peter ons samen met ovenfrietjes en verse tartaar voorschotelde.  Een paar kouwe ijsberen erbij en het was weer feest.

Mandag 3/8
We mochten met onze visgids en allround toffe jongen Sivert mee.  Altijd interessant want die jongens hebben toch altijd met een pak meer ervaring dan een Beneluxer die één of twee keer per jaar eens een weekje in Noorwegen vist, ook al is het al de elf-en-dertigste keer.  Wat me daarbij vooral opvalt, is hoe ze de boot altijd perfect op drift kunnen houden en je bijna vertikaal kan blijven vissen. We zetten onder een druppel regen weer koers vanuit de noordkant naar de Moskenes maar eenmaal daar in de buurt bleek het toch wat ruwer dan de voorspellingen aan hadden gegeven.  Geen man overboord (hah!), we deden een aantal hotspots aan die telkens mooie gul en koolvis opleverden.  Sivert zelf viste met een behoorlijk lichte Westin-hengel met een 150 grams Sandy Andy eraan.  Die bracht mooie pollak naar boven, al was het wel zwoegen op dat lichte spinhengeltje.

De wind zwakte intussen af.  Tijd om de heilbot eens achter de vinnen te zitten, iets dichter tegen de kant.  Een aantal mooie plateaus werd afgespeurd, maar de kveite was pleite.  Het duurde vervolgens behoorlijk lang voor er weer wat kon gevangen worden: de stroming was er helemaal uit en de dieptemeter gaf ook helemaal geen spoor van leven aan.  Uiteraard is dat niet allesbepalend maar toch: er viel gedurende een uur niks te vangen, niet op dood-, kunst-, schoppenaas of paashaas.  En werd er wat gehaakt, dan schoot je direct weer los.  “They have a mouth like wet paper today.”  Je hebt zo van die momenten.  Tien minuten later was het toch weer koekenbak, zoals wij in Antwerpen zeggen.  Dikke gullen, grote koolvis en opnieuw wat pollak.

En dan brak jarige Peter zijn moment de gloire aan: zijn 200 grams pilker bleek niet te versmaden voor een dikke hälleflundra van – naar schatting – 110 cm.  Grote blij voor hij!
Gelukkig voor Peter ving hij deze op zo’n dertig meter diep, en niet op zeventig zoals twee jaar geleden.  Scheelt toch een half uurtje beademing, al dan niet mond-op-mond.  Fotootjes werden gemaakt en het beestje weer de vrijheid geschonken. Na een kippetje-friet met een vers slaatje, moest uiteraard nog gezongen worden voor onze jarige Job, mét cake en kaarsje.  Lang zal hij leven in de Glory Hole!

Tirsdag 4/8
Traditioneel is de laatste visdag ook wat korter omdat tegen dan je armen ook wat langer zijn, dat compenseert.  Ruggen en gewrichten doen pijn samen met de rest van je lijf.  Daarnaast lever je de boot uiteraard netjes volgetankt en brandschoon weer in tegen een uur of zes.  Wij zijn er overigens niet kwaad om dat er sinds een paar jaar een volwaardige brandstofpomp op de steiger staat en we niet meer met jerrycans aan de slag moeten.  Je kreeg er wel stoere armen en sexy benen van, maar gemak dient toch de mens.

Qua visserij was het taai.  Eerst geprobeerd in de richting van Halibut City (in de noordoost) maar dat was geen succes, niet in het minst omdat stroming en wind het niet met mekaar eens konden worden.  Dan maar weer doorgevaren naar waar we de hele week al goed gevangen hadden en dat leverde opnieuw een flinke portie catch & release-pret op: gul, koolvis en opnieuw mooie pollak.  Ikzelf sloot af met een lom.  Noblesse oblige,  bow to the King, baby!

En alsof de kroon van Lommenkoning 2026 nog niet genoeg was, kreeg ik nog een mooi toemaatje.  Tijdens een van de laatste driften lustte Tonton Toon zijn boterhammetje niet meer en besloot deze aan de meeuwen te voederen.  Gelijk gekrijs van deze vliegende ratten, wat ook de aandacht van de zeearend trok.  Die begon rond de boot te cirkelen, en ditmaal had ik mijn camera wél bij me.  Gelijk wat vis rond de boot gestrooid…  Oordeelt u vooral zelf of de foto van deze vliegende schuurdeur, met de klauwen naar voor om het koolvisje uit het water te halen, geslaagd is.  Grote blij voor mij!  Toen we in de Glory Hole de overschot van de aasvis weggooiden, kwam er nog eentje langs in de hoop op wat lekkers maar die werd iets te gretig opgejaagd door een stel bonte kraaien en meeuwen.  Ook spectaculair maar die foto is helaas van veel mindere kwaliteit.

Nabeschouwing
Over een week bekeken, was het vaak goed zoeken naar vis die wilde bijten maar eens die gevonden, was het wel dolle pret.  Soms geeft de dieptemeter hele wolken (aas)vis aan en vang je niks, soms lijkt het wel een levenloze Sahara onder water en krijg je toch gullen aan de haak die je hengel flink krom laten staan.

Materiaalverlies?  Eén circle-hook die nu ergens in de Noorse kelp geparkeerd zit.  Dat zal het ongeveer wel zijn, we hebben dan ook bijzonder weinig vastgehangen.  Een paar shads die volledig naar de tierelier zijn geknabbeld – maar daar hing dan meestal nog wel een visje omheen. Nog fijner: élke dag kunnen vissen en niet één keer moeten uitwijken naar de zuidkant, die over het algemeen toch minder oplevert – hoewel we daar in het verleden ook al kneiters van koolvissen in de volle stroming hebben gevangen.

Ook over de visgidsen van Nordic Sea Angling hebben we zeker niet te klagen gehad.  Toffe gasten die hun vak kennen, een biertje lusten (als ze niet meer moeten rijden) en zowaar ook nog eens de elektriciteit in het huisje fixen als die het dan toch eens een keertje laat afweten. Terugreis verliep ietsje vlotter dan de heenreis, we zetten zowaar tien minuten eerder dan voorzien weer voet op Belgische bodem. Op naar de volgende trip, met Cordes Travel uiteraard!

Johan, Peter en Anthonie